Gender in de media

Het wordt misschien eens tijd dat ik even aandacht besteed aan gender in de media. Nu is er best wat te vertellen over media en gender, over wat de representatie van transgenders online en op tv doet met de groep als geheel bijvoorbeeld, en of er niet af en toe wat eenzijdig wordt belicht, maar dat is niet waar ik het over wil hebben vandaag. Ik wil het eens hebben over reacties op gender in de media.

Twee weken terug werd ik door een vriendin getagd in deze Facebook post. Het is een artikel van Metro over een Canadese moeder van een 5-jarige zoon die houdt van jurkjes. In een blogpost vertelt ze hoe haar zoon haar heeft geïnspireerd. Om meer van haarzelf te houden, omdat hij van zichzelf houdt zoals hij is. Om zelfvertrouwen te hebben. Om meer lief te hebben en minder te oordelen. Ze wilde dat delen met andere mensen en schreef daarom online haar verhaal. Ze verwachtte niet dat iedereen het met haar eens was. Ook niet dat mensen het niet raar zouden vinden. Wat ze wel verwachtte is respect voor haar en haar kind. Respect voor zijn keuze om een jurk te dragen. Want ook als je het niet met iemand eens bent kan je de keuze respecteren en accepteren.

Ik las de post en bekeek de foto’s. Het geluk en de blijdschap van deze kleine jongen spatte ervan af. De glimmende oogjes hadden zó bij Skylar gehoord kunnen hebben, net als het rondzwieren in de jurk, wat mijn kinderen altijd als eerste doen als ze er een aan hebben. (Liefst in de keuken trouwens. Hebben meerdere mensen dat, of zijn wij daar een beetje raar in? Maar het valt me op dat er nooit in de slaapkamer gezwierd wordt, of in de badkamer gedanst. Terwijl wij toch een vet mooie badkamer hebben, met mooie kleurstellingen en bijpassende dolfijnen en wat niet al. Misschien komt het omdat we vaak aan tafel zitten in de keuken, en zwieren leuker is met publiek. Of danst de vloer daar gewoon fijner.) Door behoorlijk wat mensen werden de sprankels ook gezien. ‘Wat gaaf!’, reageerde iemand. ‘Kijk Taya, zo mooi, net als jouw kids!’, appte een vriend. (Gaaf vind ik dat trouwens, ik word meestal door minstens vijf mensen geattendeerd op dit soort stukjes. Helemaal blij word ik ervan als er op die manier aan ons word gedacht.)

Anderen zien dat blijkbaar anders.

Niet iedereen bleek de glimmende oogjes te zien. Sterker nog, met dat respect bleek het nogal beroerd gesteld. In een vlaag van (van wat eigenlijk? Verstandsverbijstering? Nieuwsgierigheid? Neiging tot zelfkastijding? Of gewoon verveling?) laten we het impulsiviteit noemen, las ik de reacties onder het stuk. Ik heb ze niet geteld, maar ik denk dat de meerderheid van de reacties toch wel positief te noemen was. Er bleven echter een behoorlijke hoeveelheid nare meldingen over. Van mensen die zich afvroegen of dit een homo-in-de-dop was, moeders die vonden dat met het dragen van een jurk meteen alle fatsoensnormen op aarde de prullenbak in gingen tot vaders die hardop meldden dat Jeugdzorg dit kind maar eens bij zijn ouders weg moest halen, omdat het duidelijk ‘gestoorde mensen’ waren.

Al eerder kwam ik dit soort meldingen tegen op Amerikaanse websites en facebook posts. Er wonen daar wat meer mensen en er is ook wat meer gender in de media. Zo las ik onder een prachtige foto van een jongetje in een Frozen jurk met Halloween dat echte vaders hun kind mee uit jagen nemen in plaats van ze een jurk aan te trekken, daar zouden maar high school shooters van komen. Moeders die hun zonen toestaan een jurk te dragen zijn idioot, onwaardig en slechte ouders, en brengen hun kind in de war. Nu zet ik hier nog een redelijk vriendelijke vertaling neer van de teksten die ik soms tegenkwam. Maar meestal dacht ik eigenlijk: “Oh, dat is Amerika.” In the good old US of A doen mensen dingen anders, groter, uitbundiger, en de reacties weerspiegelen dat vast. Wij hier in Europa zijn beschaafder, en doen dat soort zaken niet. Het mag duidelijk zijn dat ik nogal naief ben op internet media gebied. Want Nederlanders zijn dus eigenlijk net zo erg, zij het in iets minder grote getale.

Natuurlijk weet iedereen dat je je daar niets van aan moet trekken. Het wereld wijde web is immens groot en er  kramen nogal wat personen een behoorlijke hoeveelheid onzin op uit, als je daar rekening mee moet gaan houden word je totaal kierewiet. Maar… het doet wel wat met je. Ergens, diep vanbinnen,  op zo’n onbewust, het-zit-er-niet-maar-het-zit-er-toch niveau. Er maakte zich een soort trietsheid meester van me toen ik zo door die reacties scrollde. Want, al is het natuurlijk zo dat niet iedereen dit soort reacties online plaatst, het is waarschijnlijk zo dat de groep die niét reageert maar er wel zo over denkt aanzienlijk groter is dan de commentaren die er staan. Het maakte dat ik me een beetje naar ging voelen. Denken mensen echt zo? Zien ze een nare moeder en een geschaad kind als ik met mijn jongens door de stad loop? Wij hebben om eerlijk te zijn nog heel weinig negatieve reacties gekregen op straat. Soms waren er ouders die tegen mij en Jurre uitten dat zij het misschien nooit zouden doen, maar ‘Oh wat is Sky toch een mooi kind in zijn rokje!’ Natuurlijk waren er soms twijfels, een vriendin van mijn schoonmoeder uitte die op een barbecue, en we hadden recent nog familieleden die er flink moeite mee hadden *), maar de meeste reacties waren positief. Nu is het natuurlijk mogelijk dat ik opnieuw blijk geef van een goede dosis naiviteit in mijn geloof in de goedheid van de mens, en dat me daarom negatieve blikken niet opvallen. (Als dat zo is wil ik dit overigens iedereen aanraden, want je loopt heerlijk rustig door de stad als je het gevoel hebt dat niemand wat van je vindt.)

Het leek me hoe dan ook een idee om er eens een stukje over te schrijven. Om eens te delen dat het wel degelijk iets met je kan doen, ook al roepen we allemaal om het hardst dat we er ons niets van aan moeten trekken. En om die reacties eens onder de loep te nemen. Want reageerders zijn ook mensen, en die hebben ook gevoel (had ik al gezegd dat ik geloof in de goedheid van de mens?), al zou het soms fijner zijn als ze dat op een wat vriendelijkere manier konden uitten.

De achtergronden van de reacties.

Al deze reacties hebben twee dingen gemeen. Eén: ze hebben het allemaal over ouders die hun kinderen (in dit geval hun zonen) een jurk ‘aan trekken’. Meerdere malen lees ik reacties van mensen die zich afvragen of (of nog een stapje verder: zeggen dat) de ouder in kwestie een statement wil maken doormiddel van de kledij van hun zoon. Twee: ze gaan over angst. De reageerders praten over bang zijn dat het kind homo wordt,  dat het kind gepest wordt op school, er is angst dat het kind in de war raakt van die rokken, ze staan stil bij de vraag of het kind wel een eigen wil heeft of ze vragen zich af waar het heen gaat met het land als iedereeen zomaar mag dragen wat ze willen en er geen fatsoenlijke omgangsnormen meer zijn.

Natuurlijk zijn deze vragen an sich niet perse vragen die je niet moet stellen. Stilstaan bij het gevoel van je kind en of dit echt wel is wat je zoon wil is nooit slecht lijkt mij. Punt één gaat eigenlijk vooral over aannames. De aanname van anderen dat het kind in kwestie er geen keus in heeft. Dat de ouder het kind de jurk opdringt, en dat geen enkel welwillend jongetje ooit vrijwillig zou kiezen voor roze en ruches. Ik denk dat dat vooral komt door onbegrip en onbekendheid. Als je nooit mannen tegenkomt in een jurk zal dat wel een heel raar en uitzonderlijk iets zijn. Misschien kunnen we dat wat oplossen door meer uitleg te geven. Wat de stukjes en artikels vaak niet vermelden is dat het een proces is. Er is niet een dag waarop je als moeder wakker wordt van je zoon die verteld ‘Mama, vanaf vandaag wil ik alleen nog maar jurken aan’ **) en dat jij dan de C&A gaat leegkopen. Dat gaat geleidelijk. Het begint met een verkleedjurk, waarin dan die glimoogjes komen. Of met het stiekem aantrekken van de jurken van een oudere zus. Die artikels vertellen zelden over de knuffels die je krijgt als je voor je kind een roze glitter shirt mee naar huis neemt, tegenover het lauwe ‘oh bedankt’ voor de blauwe variant. Wij leven (helaas, denk ik soms, maar daar heb ik hier al over verteld) in een samenleving waarin bijna geen enkele ouder uit zichzelf bedenkt om voor zijn zoon een jurk mee te nemen als we gaan shoppen voor de zomercollectie. Tot onze zonen daarom vroegen hebben we nooit nagelak op ze gesmeerd of ze een barbie cadeau gegeven. ***) Ik denk dat ik met zekerheid kan zeggen dat ze de jurken zelf hebben gekozen en wij ze niet bij hen hebben aangetrokken.

Je kunt in plaats van in de kast ook in de struiken verstopt zitten

Gender twijfels.

Punt twee is een stuk lastiger. Tot op zekere hoogte heeft iedereen dat soort vragen namelijk. Elke ouder zit soms in angst over wat de toekomst gaat brengen voor zijn kind. Dat is voor opvoeders van gender creatieve kinderen niet anders. Maar ik denk dat de reageerders er anders mee omgaan. Misschien zien zij de wereld als iets wat hun overkomt, en niet als iets waar ze invloed op kunnen hebben. Toen Skylar in een jurk naar school wilde was ik bang dat mijn kind gepest zou worden. Maar in plaats van stellen dat ‘kinderen nu eenmaal pesten’ en dat mijn zoons dus beter hun hoofd in dat maaiveld konden houden ben ik het gesprek aangegaan met school over hoe we dat pesten konden aanpakken. Dat maakte dat ik een stuk minder bang was over mogelijk plagende klasgenootjes. Mogelijk zijn de schrijvers van de nare reacties vooral bang voor het onbekende. Want als je er echt over na gaat denken dan zijn veel van die angsten mogelijk ongegrond. Gaat de wereld echt naar de kl*te als alle jongens jurken mogen dragen? Worden alle genderkinderen asociale idioten die geen respect meer hebben voor andermans haven en goed omdat ze zich niet conformeren aan de kledingnormen? Raakt hij echt wel ‘in de war’ van die rok? (Houden meisjes op zich meisje te vinden als ze een broek aan hebben?) Ik denk persoonlijk dat dat wel meevalt. Misschien worden deze kinderen homo (Of lesbisch of bi. Wat in deze context eigenlijk nooit genoemd wordt. Wat me doet vermoeden dat homo blijkbaar ‘erger’ is dan bi of lesbi. Maar dat is een heel andere gedachtentrein.), misschien worden ze gepest. Mogelijk worden ze dan als homo ook nog gepest. Dat ís ook naar, en mogelijk iets om angstig voor te zijn. Maar wat eigenlijk veel naarder is is om je steeds te moeten verstoppen. Doen alsof je iemand bent die je eigenlijk niet bent. Want zonder uitzondering zeggen bijna alle homo, (les)bi en transgenders waar ik ooit iets over gehoord of gelezen heb dat het ín de kast veel naarder was dan buiten de kast.

De toekomst.

Wat zou het dan mooi zijn als we geen kast meer nodig hebben. Dat alle vormen van gender en liefde gewoon dat zijn: mensen. Mensen met hun eigen unieke manier van doen, van kleden, van praten, van liefhebben. Zo kom ik via mijn ongeloof over nare reacties op gender in de media weer terug bij waarom ik dit blog ooit begon. Om de zichtbaarheid van genderkinderen wat te vergroten. Zodat we straks, als we allemaal oud en grijs zijn, aan onze kleinkinderen kunnen vertellen dat we vroeger net zo over jongens in een jurk dachten als onze overgrootmoeders tachtig jaar terug over vrouwen in een broek. We lachen er dan om, en gniffelen dat vroeger toch niet alles beter was (maar wel een hoop).

 

*) Wat inmiddels in rustiger vaarwater is gekomen overigens. Daarover moet ik maar eens wat uitwijden in een later blogje.

**) Transgender kinderen die uit de kast komen daargelaten. Maar in dit voorbeeld focus ik even op de jongen in de jurk, niet op een transmeisje.

***) Aan jou, ouder die dat wel doet: chapeau! Ik wil je niet negeren of tekort doen. Maar ik praat hier vooral over gemiddelden.

1 Shares

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *