Gender vergissingen

‘Je dochter is wel ondernemend’, zei de dame van de speel-o-theek tegen me bij het aftekenen van de spulletjes. Skylar was op dat moment aan het proberen met zijn nieuwe skates aan op de glijbaan te klimmen, iets wat binnen zeer korte tijd zou resulteren in een mooie glijpartij, maar dat wist hij nu nog niet.

‘Tijd om te vertrekken dames, riemen vastmaken alstublieft’, meldde de buschauffeur van de dinotrein die we afgelopen weekend namen om de T-Rex speurtocht in Leiden te lopen tegen onze jongens, die, brutaal als ze waren, de halve wereld kregen en voorin mochten zitten.

Toen Sky wat jonger was vroegen op straat nog wel eens kinderen ‘Waarom heeft dat jongetje een jurk aan?’ Meestal aan hun moeder, maar soms aan mij, of, bij uitzondering, aan hemzelf.

(Even op een side note: dat zegt dus wat denk ik, dat kinderen dat niet aan de persoon zelf vragen maar aan een ander. Ook voor volwassenen geldt dat; we komen liever via omwegen achter de gender status van een individu dan dat we dat rechtstreeks vragen. Sterker nog, zelfs die vraagt stellen we eigenlijk niet. We proberen er eerst achter te komen hoe iemand heet, om op die manier te deduceren wat iemands geslacht is, en pas als dat geen bevredigend antwoord genereerd (‘Hai, ik ben Mik’) gaan we er achter proberen te komen wat iemands genderstatus is. Blijkbaar is er een soort ongeschreven wet die voorschrijft dat de gevraagde dat mogelijk vervelend kan vinden, en daar wij liever geen vervelende vragen stellen omdat dat mogelijk voor ons zelf ongemakkelijk is, doen we dat dus maar liever niet. De vraag is of mensen dat wel ongemakkelijk vinden, of dat wij alleen maar dénken dat ze dat vinden.. Maar dat even terzijde)

Nu het vakantie is, heeft Finn net als zijn broer bijna elke dag iets pastelkleurigs aan. Zoals zijn nieuwe eenhoornjurk. Want unicorns zijn gewoon supercool

Nu kan je op een rechtstreeks gestelde vraag bijna onmogelijk niet antwoorden, dus meestal antwoordde ik dan ‘omdat hij dat leuk vindt’ *) Maar als het over ‘misgenderen‘ gaat, het aanspreken met het verkeerde voornaamwoord, dan heb je een keuze. Ga je mensen corrigeren? Moet je mensen corrigeren? Is het vervelend voor je kind, of voor de ander als je wel of niet gaat corrigeren?

Mijn visie is dat je van corrigeren de ander iets kunt leren. Door tegen de juffrouw bij de speel-o-theek tussen neus en lippen door te laten vallen ‘Het is overigens een jongetje’ heb je aan genderopvoeding gedaan. Die mevrouw weet nu dat er meer is tussen man en vrouw. Je hoeft er geen hele gesprekken over te voeren, het hoeven ook geen hele beladen momenten te zijn. Met alleen dat ene zinnetje heb je al ruimte gegeven, al een zaadje geplant voor meer gendergelijkheid. Ik moet er wel bij zeggen, je moet wel een beetje bereid zijn tot vragen beantwoorden. In behoorlijk wat gevallen volgt er op de opmerking ‘het is een jongetje’ een vraag. Op de vraag volgt dan een wedervraag, een uitleg, een gesprek. Persoonlijk vind ik dat wel fijn. Ik heb het gevoel dat ik op die manier meer uitleg kan geven over gender in al zijn creatieve vormen, meer kan leren aan de vragende medemens. Mogelijk heb ik op die manier ook de ruimte om zelf uit te leggen waarom wij doen wat we doen, waarom we hem die jurk laten dragen.

Tot nu toe reageren de meeste mensen prima op mijn corrigeren. Misschien is dat juist wel waar het om gaat, om hoé je corrigeert, niet perse dát je corrigeert. Het tussen neus en lippen door gewoon even vertellen dat Sky eigenlijk een jongetje is, alsof het er niet zo erg toe doet, is misschien wel wat het beste werkt. Zo hoeft een ander zich niet gekwetst te voelen omdat hij niet wist dat hij geen meisje was -want hoe zou dat ook, met zijn lange haren en roze rokken- . Maar het moet gezegd, ik kan dat waarschijnlijk vooral omdat het mij zelf ook niet zo boeit. Sommige transgenders vinden het verschrikkelijk om misgenderd te worden. Een groot aantal genderqueer willen een derde voornaamwoord omdat ze elke keer dat ze ‘hij’ of ‘meneer’ horen het gevoel hebben dat het niet over henzelf gaat. Als ik het aan Sky vraag, dan vindt hij meisje genoemd worden helemaal niet erg. Op de momenten dat ik een formulier moet invullen waar de vraag ‘jongen/meisje’ staat vermeld en ik hem vraag wat ik moet kiezen kiest hij steevast ‘meisje’. Toch kan hij soms ook heel verontwaardigd kijken als iemand ‘jongedame’ tegen hem zegt, alsof de hele wereld zou moeten weten dat hij onder zijn rokken een jongenslijf heeft.

De ‘dames’ in de dinobus 🙂

Van gender vergissingen krijg je overigens soms hele leuke gesprekken, zoals laatst in het zwembad. Ik was al een tijdje in gesprek met een moeder van een van de kinderen in Sky zijn zwemles toen ze ineens vroeg welke spruit er eigenlijk van mij was. Toen ik vertelde dat die onderwater zwemmende waterrat in dat roze jurkje van mij was reageerde ze met ‘Wat gaaf dat hij gewoon draagt waar hij zich fijn bij voelt.’ Een moeder naast ons, die het gesprek toevallig opving, meldde vervolgens dat haar zoon ook jurkjes droeg toen hij jonger was. ‘Echt?’ vroeg het jongetje in kwestie, duidelijk mee om zich met een stripboek te vervelen bij de zwemles van zijn broertje. ‘Ja, echt hoor. Je danste in een jurk door de kamer en maakte van sjaals en handdoeken lang haar voor jezelf.’ Dat is precies waarom ik vertel dat mijn kind mijn zoon is, een jongen in een jurk. Omdat je, naast dat je mensen laat weten dat er meer is in het gender spectrum tussen man en vrouw, op die manier ook zo af en toe gelijkgestemden tegenkomt. Mensen die je anders nooit waren opgevallen. Mensen die er bij Finn voor kunnen zorgen dat hij niet het gevoel heeft dat hij de enige op de wereld is met een rok aan. Anderen corrigeren heeft nut.

Sommigen denken daar anders over. Tante T. bijvoorbeeld, die laatst met mijn beide zonen naar de kerk was. Skylar was druk in de weer met stiekem proberen een derde koekje te scoren -ik verdenk hem ervan dat hij de kerk alleen maar leuk vindt vanwege het thee en koekjes buffet aan het einde- en een van de kerkgangers zei tegen Finnley ‘Misschien moeten jij en je zusje even buiten spelen, ergens waar er geen koekjes zijn.’ Finn reageerde zoals hij altijd doet: ‘Het is mijn broertje.’ En dat is dan dat. Tijd om buiten de boel onveilig te gaan maken. Sky had het niet eens gehoord, en was nog met één oog bezig de schaal met koekjes in de gaten te houden. Prima toch, zou je zeggen, we hebben bijna ongemerkt iemand opgeleid en laten weten dat er jongetjes in jurkjes bestaan, mijn zonen hebben nergens last van, de vraagsteller heeft extra inzicht opgedaan, de koekjes zijn nu veilig voor kleine grijphandjes en de kinderen doen gezonde buitenlucht op, allemaal winnaars. Maar Tante T. voelt zich rot. Zij heeft het onbehagen van de mevrouw gevoeld toen die hoorde dat het meisje een jongetje was. Mogelijk heeft zij haar eigen onbehagen over zo’n vraag (Jeetje, wat moet ik in hemelsnaam als iemand dat tegen míj zegt..) geprojecteerd op én de vragenstelster én de kinderen (Nu moet Finn zeggen dat Sky niet zijn zusje is.. hè wat vervelend voor hem..), maar hoe dan ook is het resultaat dat zij zich ongemakkelijk voelt.

Zij zou waarschijnlijk mensen niet corrigeren. Dat vestigt in haar ogen alleen maar de aandacht op het anders zijn van haar neefje. Laten we even voorop stellen, er is niet één manier van met gender creatieve kinderen omgaan. De ene manier is niet perse beter of slechter dan de andere. Mensen wel of niet corrigeren, het gesprek er wel of niet over aangaan, is iets wat ieder voor zich moet besluiten in elke afzonderlijke situatie.

De dinobus ging naar het centrum van Leiden, waar een hele gave Burcht bleek te staan. En… tandpasta kunst

Ik voel me er niet ongemakkelijk bij, en de kinderen eigenlijk ook niet. Wij bieden uitleg en inzicht, en daarom corrigeren wij meestal wel. Meestal. Want soms moet je een buschauffeur gewoon laten chauffeuren. En dat kan heel prima als hij denkt dat mijn twee mannen in hun mooie jurken dames zijn.

 

*) Wat wel mooi is, de meeste moeders aan wie die vraag door hun kroost gesteld werd, antwoorden dat óók overigens 🙂

6 Shares

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *