Misschien word ik wel nooit oma.

(Noot: Ondanks het feit dat ik eigenlijk niet vind dat ik excuses hoef te maken dat ik met een hoofd vol snot en kleine kabouters met hamertjes niet in de buurt van mijn laptop ben gekomen, vind ik toch dat ik hier een uitleg neer moet zetten waarom het hier zo stil was. Dus dit is geen sorry, maar een uitleg. Ik was ziek.)

Ik schreef van de week al hier wat korts over de gedachten die ik had over kleinkinderen. Maar ik merkte dat ik er toch meer over te vertellen heb. In het kort kwam het hier op neer:

Momenteel zijn al mijn kinderen in mindere of meerdere mate anders dan ‘gewone’ kinderen. (Even tussendoor, wat een rotwoord, dat ‘gewoon’. Toch merk ik dat ik het met enige regelmaat gebruik. Om het verschil aan te geven tussen mijn kinderen en de rest van de populatie bijvoorbeeld, of  om het verschil te verduidelijken tussen hun gedrag en gedrag wat de samenleving veronderstelt als normaal -nog zo’n rotwoord-. Het is blijkbaar al sprekend makkelijker om een woord als ‘gewoon’ of ‘normaal’ te gebruiken dan daadwerkelijk uit de doeken te doen welke groep je nu eigenlijk bedoeld. Daarbij praat ik snel en veel, en alle woorden die in zich hebben dat je er een hele groep woorden mee kunt bedoelen zijn in dat geval handig. In deze bedoel ik met ‘gewone’ kinderen, het cisgender kind met een heterosexuele voorkeur.)

Mijn zoon Sky is, zoals bekend, momenteel een jongen die van meisjesdingen houdt. Hij gaat misschien wel of misschien niet ooit het proces in van fysiek een meisje worden. Nu zou het zomaar kunnen dat áls hij een meisje gaat worden er tegen die tijd super scifi mogelijkheden zijn tot baarmoedertransplantatie en biologische kinderen krijgen, maar laten we daar vooralsnog niet van uitgaan. Wie weet is hij over een paar jaar wel helemaal klaar met de jurken. In dat geval zeggen de statistieken dat als hij geen meisje wordt, hij waarschijnlijk homo is. Helemaal geweldig en prima natuurlijk, maar dat maakt de hele kwestie kinderen dan wel weer ietsje lastiger. Tuurlijk is daar adoptie, en draagmoederschap en pleegkinderen, maar het hebben van kroost van jezelf is wel een stuk minder vanzelfsprekend dan voor de ‘gewone’ heterosexuele cisgender man.

Dochter Lyka heeft een mogelijke voorkeur voor mensen met vrouwelijke geslachtorganen, wat kinderen krijgen iets makkelijker, maar nog steeds niet vanzelfsprekend maakt. Finnley houdt ervan af en toe een jurk aan hebben. Wat ik in mijn postje van een paar dragen terug travestie *) noemde en aan homosexuele mannen toebedeelde. Ik werd echter op de vingers getikt, er zijn een heleboel hetero mannen die ook aan travestie doen. Jurken zijn ook gewoon heel erg leuk en zwieren mooi. Maar nu ging het in mijn gedachtenwereld om de what if’s. Dus stel, het zwierige rokken leuk vinden van Finn duidt erop dat hij later op mannen valt. Dan is het krijgen van kinderen opnieuw niet zo gemakkelijk.

Zoals dat gaat met gedachten heb ik al dit en meer de revue laten passeren in een paar luttele seconden. En dan komt ineens de realisatie:

Maar wat als ik nou echt nooit kleinkinderen krijg?

Meteen stel je nu de vraag: Ja, maar het zijn je kinderen! Die hebben toch een eigen mening? Het gaat toch om hun geluk? Natuurlijk. Uiteraard gaat het om hun geluk. Een flink groot deel van mij zal het een rotzorg wezen waar ze mee thuiskomen en hoe ze later door het leven willen. Of ze nu stratenmaker zijn of professor, met een hele bups panseksuelen in een hutje op de hei wonen in een commune, als gay stripper in de grote stad of heel burgerlijk in een rijtjeshuis met een hond, een cavia en een vriendin in het dorp om de hoek. Als zij er maar blij van worden.

Maar… een klein deeltje van mij wil kleinkinderen. Ooit wil ik een grijze -nu ja, paarsgeverfd, mag dat ook?- oma zijn die met een kopje thee en koekjes de kleinkinderen uit school haalt en dat een spelletje gaat spelen. Ik wil met andere ouderen op een bankje in de zon van mijn pensioen genieten en opscheppen over wat de mijne al kunnen. Klagen over de jeugd van tegenwoordig en dan zuchten dat mijn kleinkinderen gelukkig lief en goed opgevoed zijn, tenminste, de uren die ze bij mij doorbrengen. Met Pasen wil ik ze allemaal rondom zo’n grote tafel veel te veel matzes zien eten en met Sinterklaas wil ik ze door het huis zien struinen op zoek naar cadeautjes.

Dat er nu -theoretisch- een mogelijkheid bestaat dat dat nooit gaat gebeuren, dat vind ik stiekem, diep vanbinnen, wel even pijnlijk.

Wat ik wil zeggen met dit stuk is: geef ruimte aan je eigen gevoelens.

Natuurlijk staat het welzijn van je kind voorop. Maar je mag best rouwen om het gemis wat dat voor jou oplevert. Als jij je de hele zwangerschap langs de lijn zag staan met je voetballende koter, dan kan het lastig zijn om los te laten dat de toekomst vooral balletdansen met zich meebrengt. Als jij het heerlijk vond om de haren van je dochter in te vlechten elke dag, omdat je moeder dat ook zo bij jou deed, dan kan het zijn dat het tijd kost voor je het korte jongenskoppie helemaal in je hart gesloten hebt. Dat is niet erg. Dat wil helemaal niet zeggen dat je je kind niet accepteert zoals hij is. Neem tijd voor dat gevoel, want ook jouw gevoel is echt, en belangrijk. Uiteindelijk komt dat goed, alles went vanzelf, en dan waardeer je de momenten dat je met je dochter gaat voetballen en met je zoon naar ballet gaat des te meer.

Sky is pas vijf. Ik krijg, hopelijk, nog lang geen kleinkinderen. En als ik nooit oma word? Dan heb ik lekker alle ruimte voor al die verre reizen waar ik nu geen tijd voor heb. Of voor de één of andere vage hobby. Dat komt vast goed.

Laat ik eerst maar eens beginnen met het afschieten van de resterende bacillen in mijn keel met wat extra thee met honing.

*)Even heel wat anders, eigenlijk is het raar dat we voor mannen in vrouwenkleding een woord nodig hebben en dat we vrouwen in mannenkleding gewoon vrouw noemen. Historisch gezien is elke vorm van de kleding van het andere geslacht aan hebben travestie overigens, van mannen én van vrouwen, en zegt het niets over je seksuele oriëntatie.

4 Shares

2 thoughts on “Misschien word ik wel nooit oma.”

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *