Tag Archives: Toekomst

Kerstmis voorbij.

Ineens is het bijna tweeduizendachttien. Voor mijn gevoel was het gisteren dat ik voor een afspraak bij het VU zat en me voornam er een stukje over te schrijven. Ergens daarna werd ik geveld door een hele zware griep en gingen we daadwerkelijk echt verhuizen, en nu zit ik op het randje van het nieuwe jaar op de grond voor de deur van de Ikea. (Je zal maar op zaterdag schroefjes en boutjes nodig hebben. Geen handige dag, zoals Youp van ‘t Hek jaren geleden al zei, en dus besloot ik gewoon heel vroeg te komen om me een plekje bij de service balie te garanderen. Omdat wachten van te voren blijkbaar minder erg is dan wachten in de rij bij de balie..) We zijn verhuisd, en spenderen nu onze dagen in een huis vol dozen, rare geluiden (trappen met kasten eronder kraken veel meer!), open deuren voor katten die ineens de hele dag binnen zitten en een keuken waarin alles nog kwijt is (had jij niet de scharen gezien in die ene doos met ‘berging’ erop? Of hebben we dat naar de zolder verscheept?). Jurre is inmiddels vergeten hoe zijn werk eruit ziet, omdat alle dagen gevuld lijken met het bouwen van kasten en het boren van gaten.

Tussen dat alles zouden we bijna vergeten dat er nog andere mensen in het huis rondlopen, mensenkinderen zonder permanente schroevendraaier in hun hand en accuboormachine aan hun riem. Continue reading Kerstmis voorbij.

Gender keuzes, deel 1

Vroeger had ik altijd het idee dat het opvoeden van kinderen een aaneenschakeling was van keuzes die je als ouder maakt. Ik had idealen en principes en vanuit die visie zou ik mijn kinderen gaan opvoeden. Tegenwoordig weet ik beter. Je doet als moeder gewoon maar wat. Natuurlijk heb ik overtuigingen, ideeën en plannen, maar vaak, als het er op neerkomt op dat ene moment, dat doe ik gewoon wat mij op dat moment juist lijkt. Opvoeden vanuit mijn onderbuik gevoel. Ik laat zaken op hun beloop, en dat loopt dan wat hier en kabbelt wat daar en dat vind ik wel prima. Soms erger ik me aan de plek waar de rivier me heen brengt, en dan pas ik het wat aan, maar vaak ook ben ik eigenlijk wel tevreden met dat kabbelende beekje, en heb ik helemaal geen zin en energie om hem te overwegen ergens anders te gaan stromen. Continue reading Gender keuzes, deel 1

Genderpoli van het VUmc

Twee weken terug wijdde ik een blog aan de vraag of je genderkind (of jijzelf) hulp nodig heeft. Aan het eind van het blog kwam ik weliswaar tot de conclusie dat ons genderkind die behoefte wat minder heeft, maar zag ik toch meerwaarde in het contacten van de genderpoli. Het hebben van een diagnose van genderdysforie zou ons mogelijk kunnen helpen op school en sportclub, en het zou de acceptatie van de jurk door familieleden mogelijk makkelijker maken. Daarbij zou het mogelijke enorme wachttijden wat kunnen beperken als Skylar tegen de puberteit nog steeds overtuigd is meisje te willen worden. Je kunt maar vast bekend zijn bij de dokters. Er werd een brief gestuurd, en het was wachten op de telefonische afspraak bij de genderpoli van het VUmc.

Continue reading Genderpoli van het VUmc

Gender in de kleedkamer

De scholen zijn weer begonnen. Over heel het land komen ouders op onzalige uren gapend uit hun bed om aan de balanceerkunst te beginnen om tassen inpakken, koffie naar binnen gieten en ontbijten af te wikkelen en hun kroost op tijd in de schoolbanken te krijgen. Toen mijn wekker afging vanmorgen was de zon nog niet eens boven de huizen aan de overkant uitgekomen, en moest ik mijn kinderen wekken uit de krochten van hun dromen. In ons onderwijs was dit jaar wat veranderd, de jeugd zou in nieuwe klassen ingedeeld worden, met een nieuwe manier van werken. Finnley zou voor het eerst alleen naar de dependance vertrekken, waar hij met andere bovenbouwers in een bovenbouw-only gebouw zou vertoeven. Skylar zou, als zesjarige, de oudste zijn in de onderbouw, en eindelijk gaan leren lezen, en mogen gymmen in de grote gymzaal.

Ho. Wacht even. Gymmen in de grote gymzaal? Daar waar kleedhokjes zijn en gedoucht wordt na het sporten? Misschien moet ik dat wat nader gaan bekijken. Genderkind zijn in de kleedkamer maakt het hele verhaal toch wat ingewikkelder dan voor een doorsnee onderbouwer. Continue reading Gender in de kleedkamer

Heeft je genderkind hulp nodig?


Het is een druilerige ochtend de lente. Ik sluimer op de bank met een kopje thee, aan het opwarmen na het trotseren van de regenbui die ik moedig als een leeuwin doorstond om mijn pups op school te krijgen. Van die zes minuten moest ik duidelijk eens flink bijkomen. Genietend van de warmte van de Earl Grey luister ik naar het tikken van de regen tegen de ruiten. Ik voel me warm en geborgen, geknuffeld als ik wordt door de kater die kopjes probeert te geven tegen de arm met het theekopje. Ineens komt er een gedachte bij me op: Zouden we Skylar moeten aanmelden bij de genderpoli? Continue reading Heeft je genderkind hulp nodig?

Gendermoe – update

Ergens in het voorjaar het ik het hier gehad over mijn gendermoe-zijn. Dat ik nogal eens moe werd van uitleggen, opnieuw uitleggen, rustig ademhalen en maar weer eens uitleggen, hobbels verwijderen en weg effenen. Tussen toen en nu is nogal wat tijd verstreken. De weg tussen ons en de familieleden in kwestie is, weliswaar nog niet volledig geasfalteerd maar al wel redelijk bestraat en goed begaanbaar. Kortom; tijd om daar hier maar eens een update over te schrijven.

Continue reading Gendermoe – update

Gendergedachten.

Ik wil het eens met u hebben over gedachten. Niet die van uw kind, maar die van u óver uw kind.

Mijn zoon ging voor het eerst naar school in een jurk .  Hij had dat de avond ervoor besloten, na een gesprek waarin we het hadden gehad over meningen van anderen en zijn gevoel erover. We hadden, meer bij toeval eigenlijk, die avond gesproken over zijn wens dat iedereen hem aardig vindt en niemand ooit meer iets naars zou zeggen. Over dat dat mogelijk een wat onhaalbare zaak was, en dat hij misschien beter kon focussen op zijn reactie daarop. We bespraken dat je niet kan controleren wat anderen doen, maar wel kunt veranderen wat jij daar mee doet. Hij besloot dat hij een eenhoorn wilde zijn, different but beautiful, en legde de jurk alvast klaar.

Continue reading Gendergedachten.

Gendernormen zitten diep.

Meisjes houden van roze en jongens vinden blauw een mooie kleur. Toch?

Nou… Eigenlijk is van oorsprong blauw voor meisjes en roze voor jongens. Sterker nog, ook dat was van korte duur, daarvoor waren alle baby’s wit, simpelweg omdat de verf waarmee kleren werden gekleurd vaak gemaakt was van nogal rare  en ongezonde stofjes (Arsenicum bijvoorbeeld). Dat wij roze voor meisjes vinden en blauw voor jongetjes is een betrekkelijk recente ontwikkeling.

Afgezien van de kleur zijn er natuurlijk nog meer gendernormen. Jongens zijn ruw, en houden van voetbal. Meisjes zijn rustiger en houden van knutselen. Mannen zijn vaker ambitieus, vrouwen vaker emotioneel. Jongetjes zijn ondernemend, meisjes zijn meegaand. Ook op school wordt er nogal een scheidslijn aangebracht tussen mannelijk en vrouwelijk. In de kring worden de kinderen vaak op sekse ingedeeld.  Op de gang in de bouwhoek zie je vooral jongens en in de huishoek kom je vooral meiden tegen. Als je een boekje leest over een danser dan is dat vaak een meisje. *) Continue reading Gendernormen zitten diep.

Misschien word ik wel nooit oma.

(Noot: Ondanks het feit dat ik eigenlijk niet vind dat ik excuses hoef te maken dat ik met een hoofd vol snot en kleine kabouters met hamertjes niet in de buurt van mijn laptop ben gekomen, vind ik toch dat ik hier een uitleg neer moet zetten waarom het hier zo stil was. Dus dit is geen sorry, maar een uitleg. Ik was ziek.)

Ik schreef van de week al hier wat korts over de gedachten die ik had over kleinkinderen. Maar ik merkte dat ik er toch meer over te vertellen heb. In het kort kwam het hier op neer:

Momenteel zijn al mijn kinderen in mindere of meerdere mate anders dan ‘gewone’ kinderen. (Even tussendoor, wat een rotwoord, dat ‘gewoon’. Toch merk ik dat ik het met enige regelmaat gebruik. Om het verschil aan te geven tussen mijn kinderen en de rest van de populatie bijvoorbeeld, of  om het verschil te verduidelijken tussen hun gedrag en gedrag wat de samenleving veronderstelt als normaal -nog zo’n rotwoord-. Het is blijkbaar al sprekend makkelijker om een woord als ‘gewoon’ of ‘normaal’ te gebruiken dan daadwerkelijk uit de doeken te doen welke groep je nu eigenlijk bedoeld. Daarbij praat ik snel en veel, en alle woorden die in zich hebben dat je er een hele groep woorden mee kunt bedoelen zijn in dat geval handig. In deze bedoel ik met ‘gewone’ kinderen, het cisgender kind met een heterosexuele voorkeur.) Continue reading Misschien word ik wel nooit oma.